dinsdag 7 februari 2012

Schlittschuhlaufen

Duitsers kunnen niet schaatsen.
Althans, dat wat ze daar op hun dichtgevroren wateren uitvoeren - een soort huppelend dansje op witte kunstschaatsen, met zwierende armen hulpeloos een pirouette proberend (de dames), en het op en neer wedelen met een stok, daarbij wankelend op te breed uitgemeten ijshockeyschoenen (de heren) - dat noemen wij schaatsfanaten geen schaatsen.

Wij, die onze noren altijd bij ons hebben. Geslepen en wel, in een handdoekje zodat de ijzers meteen tevoorschijn gehaald kunnen worden. Als het kan. Als het water dicht is.

Desnoods in Berlijn, zoals afgelopen week.

Toen mijn moeder mijn schaatsen zag, zei ze meteen: "Jij gaat hier niet het water op! Dat is nog helemaal niet dicht!". Tijdens mijn allereerste wandeling langs de Rummelsburger Bucht dinsdag ochtend zag ik het meteen: dit water was geen water meer, maar een mooie glanzende dikke laag ijs. En het zou met deze temperaturen maar heel kort duren voordat alles dicht en nog dikker zou zijn.

Maar daar geloven ze dus in Duitsland niet zo snel in. Iedere dag waaien de waarschuwingen je om de oren, op de radio, op de tv. Ga niet het ijs op, gevaarlijk, niet vrijgegeven etc etc. Dat in tegenstelling tot Nederlandse berichtgeving die voornamelijk uitzoekt waar je overal wél kan schaatsen en er een wedstrijdje van maakt wie de eerste natuurijsbaan mag openen.

Niets van dat alles in Berlijn. Geen ijsverenigingen, niemand die een baan voor je vrij veegt en dus ook niemand die officieel 'das Eis freigibt'. Allemaal eigen risico en dus is men over het algemeen terughoudend.

Op zaterdag ging ik weer kijken in de baai voor het huis van mijn ouders.
Een pretparkje met moeders, vaders, glijdende kinderen (zonder stoeltjes), sleeën en een heuse BBQ met Bratwurst en daarnaast een stand met Glühwein. Plus: speakers met goede muziek. Ze konden het dus wel! Het ijs op! Ik wist niet hoe snel ik mijn schaatsen moest ophalen.

Maar vergelijkbaar met Nederland? Nee.
Duitsers komen met hun manier van Schlittschuhlaufen geen kilometer vooruit. (De Pechsteins en Friesingers daargelaten, maar die hebben hun leven vooral op nepijsbanen doorgebracht. Binnen.). Ze kennen geen toertochten en doen ook geen smalle strakke sportbroekjes aan, maar hijsen zich eerder in skipakken.

En toch was het gaaf om überhaupt op het ijs te staan. En al die blikken naar mijn - in hun ogen -  rare schaatsen met een glimlach te kunnen beantwoorden. Mijn eigen tochtje reikte uiteindelijk tot aan de overkant. Een echte toertocht - zoals het hoort - wil ik aanstaande vrijdag nog even voltooien. Hier in Nederland. (En mocht de tocht der tochten doorgaan, dan ben ik toch echt keihard voornemens om af te reizen naar Friesland. Koste wat kost. File of niet.)

Misschien denk je allang: maarrrrrr....zij was toch een Duitsssss......
Als het om schaatsen gaat, ben ik door en door Nederlander, zoveel moge duidelijk zijn.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen