dinsdag 31 juli 2012

Deutsche Sprache, schwere Sprache

Max spreekt Duits.
Deutsch. Dus. Also.
Sinds eergister, om precies te zijn.

Zo vanzelfsprekend als het leest, is het niet. Zelfs niet als je met twee talen opgroeit, zoals onze kinderen. Want de eerste drie weken hier sprak hij dus voor 300% Nederlands. Daar week hij geen enkel moment van af. En dat terwijl ik toch zeker weet dat hij het kán. Toen we in April voor het laatst op bezoek waren bij oma en opa hier tegenover - toen sprak hij na één week perfect Duits.

Ik verwachtte het wel. Dat hij - op het moment dat hij buiten komt, andere kinderen ontmoet, andere volwassenen ziet - helemaal dicht zou slaan. Niet ongewoon voor een jongen van 4 die net van Nederland naar Duitsland is verhuisd.

Tegen ons praat hij voluit; enthousiast, aan de lopende band, hij heeft altijd verhalen. Tegen anderen - mwa. Ook in Nederland kon hij erg verlegen doen als mensen langs kwamen die hij niet kende of niet zo vaak zag.

En al praat ik sinds zijn geboorte volledig Duits tegen hem: hij antwoordt steevast in het Nederlands. Prima. Mits hij maar met mijn ouders en zijn eigen overgrootmoeder kan kletsen; dat leek me wel belangrijk.

Alles is nu anders.
Zijn vriendjes uit de straat zijn onzichtbaar geworden.
Zijn oppasmoeder is niet meeverhuisd (zeer tegen de zin van Max; volgens hem had ze prima bij ons kunnen wonen).
De bekende weg naar de supermarkt - weg.
Fietsen naar de binnenstad - ineens ziet dat er heel anders uit.

En wat doe je dan, als alles weg is wat je tot nu toe gewend was?
Juist. De taal die je tot nu toe sprak, die geef je niet zomaar op. Daar klamp je je aan vast. Want ze verstaan het heus wel, die Duitsers. Gewoon volhouden. Niet opgeven. Die Nederlandse woorden zitten in zijn brein en liggen dus ook op zijn tong. En daarom verlaten die ook nog steeds het allerliefst zijn lippen.

En hangen dan in de lucht om opgevangen te worden door Duitse oren. Die er iets van proberen te breien. Wat vaak lukt, maar dus niet altijd.

En daarom besloot ons zoontje blijkbaar afgelopen weekend dat het maar eens klaar moest zijn met dat Nederlandse gekeuvel. Best gezellig, maar niet als je al die verhalen over auto's en treinen wilt delen met de grote en kleine Duitse mensen. Dan zul je toch echt zo af en toe de Duitse taal moeten gebruiken.

Maar de Nederlandse opgeven?
Nee.
En dat willen we ook helemaal niet.

Gewoon lekker allebei. Het zal vast nog een tijdje duren - maar dan kun je ons zoontje op elke mogelijke manier aanspreken. En dan heeft hij altijd een antwoord.

Wellicht dus ook in het Duits, dus ga maar vast bijspijkeren.

1 opmerking:

  1. 't Is een lekkere scheet die Max. Ik begrijp hem wel!

    BeantwoordenVerwijderen